Interprofessioneel akkoord 2021-2022: een compromis « op zijn Belgisch »

Hoewel binnen de Groep van 10 geen akkoord was bereikt over de loonmarge, besloten de sociale partners het overleg rond andere gevoelige kwesties, zoals de aanvullende pensioenen, het minimumloon of de landingsbanen, toch voort te zetten. Uiteindelijk heeft hun volharding vruchten afgeworpen, nu vakbonden en werkgevers enkele dagen geleden tot een compromis zijn gekomen.

Hoewel binnen de Groep van 10 geen akkoord was bereikt over de loonmarge, besloten de sociale partners het overleg rond andere gevoelige kwesties, zoals de aanvullende pensioenen, het minimumloon of de landingsbanen, toch voort te zetten. Uiteindelijk heeft hun volharding vruchten afgeworpen, nu vakbonden en werkgevers enkele dagen geleden tot een compromis zijn gekomen.

Geen akkoord over de loonmarge, die bij koninklijk besluit op 0,4% zal worden vastgelegd

Voor de jaren 2021-2022 moet weer een nieuwe marge voor de ontwikkeling van de loonkosten worden vastgelegd.

Net zoals in 2019 zijn de sociale partners er niet in geslaagd een akkoord te bereiken omdat zij van mening waren dat de wet, zoals gewijzigd in 2017, hun mogelijkheid om over de ontwikkeling van de lonen te onderhandelen, te sterk beperkte. Het bemiddelingsvoorstel van de regering werd snel verworpen door de Groep van 10, zodat de maximale beschikbare marge opnieuw bij koninklijk besluit moet worden vastgesteld.

Voor de periode 2021-2022 zal de loonmarge dus zeker 0,4% bedragen (wat in overeenstemming is met de berekeningen van de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven (CRB)). Ter herinnering: bij de evaluatie van de marge dient geen rekening te worden gehouden met indexeringen en baremieke verhogingen (d.w.z. de verhogingen die voortvloeien uit de toepassing van de bestaande barema’s). We wijzen erop dat de uitzonderlijke en tijdelijke maatregelen die vóór 12 april 2021 in het kader van de gezondheidscrisis werden genomen met betrekking tot arbeidsvoorwaarden en lonen, eveneens buiten de berekening van de marge moeten worden gehouden (maatregelen inzake verplicht telewerk, vaccinatieverlof, bonussen in de sector van de gezondheidszorg en de groothandel, enz.)

Het betrokken koninklijk besluit zal één dezer dagen worden gepubliceerd.

Een nieuwe “coronapremie” is aangekondigd, maar blijft omgeven door onzekerheden

In het voorstel dat door de regering werd gedaan naar aanleiding van het mislukken van de interprofessionele loononderhandelingen, wordt voor ondernemingen die tijdens de gezondheidscrisis “goede resultaten” hebben behaald, ook de mogelijkheid voorzien om een “coronapremie” toe te kennen van maximum 500 EUR netto per werknemer (wat neerkomt op een kost van 582,50 EUR voor de onderneming aangezien de premie enkel aan een werkgeversbijdrage van 16,5% zou worden onderworpen). Uiteraard zou deze premie “bovenop” de loonmarge van 0,4% kunnen worden toegekend, die in het vorige punt werd besproken.

Op dit moment bestaan er nog veel onzekerheden over deze premie, niet zozeer over de vorm die deze zal aannemen, maar voornamelijk over de toekenningsvoorwaarden.

We weten inderdaad al dat deze “coronapremie” in de vorm van consumptiecheques zou worden toegekend. Dit is een instrument waarmee de ondernemingen al vertrouwd zijn, waardoor er geen grote moeilijkheden op dit gebied worden verwacht. De regering heeft reeds aangekondigd dat het toepassingsgebied van de consumptiecheque zou worden uitgebreid, aangezien de premie tot doel heeft dat levensmiddelen in alle soorten winkels (inclusief supermarkten) kunnen worden gekocht.

In principe zullen de werknemers deze premie bijvoorbeeld ook kunnen gebruiken om een knipbeurt of schoonheidsbehandeling te betalen, net zoals voor de diensten van alle contactberoepen die door de crisis werden getroffen. Om hun rol in het economisch herstel te kunnen vervullen is uiteraard bepaald dat de consumptiecheques enkel op Belgisch grondgebied kunnen worden gebruikt en vóór 1 januari 2022 moeten worden uitgegeven.

Anderzijds zijn er dus nog een aantal onduidelijkheden over de toekenningsvoorwaarden van de “coronapremie”. Wat moet men bijvoorbeeld begrijpen onder “ondernemingen die tijdens de gezondheidscrisis goede resultaten hebben behaald”? Worden enkel goede financiële resultaten bedoeld? Of kunnen ook andere criteria in aanmerking komen, zoals bijvoorbeeld het beroep dat werd gedaan op werkloosheid wegens overmacht?

De regering heeft reeds aangegeven dat zij het aan de sociale partners wenst over te laten om – op sectoraal of ondernemingsniveau – de voorwaarden vast te stellen waaronder deze premie kan worden toegekend.

We zijn dus nog niet uitgepraat over de “coronapremie”…

Parallel daarmee werd een interprofessioneel akkoord 2021 – 2022 bereikt

Ondanks het mislukken van de interprofessionele onderhandelingen over de loonmarge, wenste de Groep van 10 de gesprekken voort te zetten over een aantal andere gevoelige kwesties, zoals de aanvullende pensioenen, het minimumloon of de landingsbanen.

Uiteindelijk kon enkele dagen geleden een interprofessioneel akkoord worden bereikt. De grote lijnen daarvan zijn:

  • een verhoging van het minimumloon in drie stappen: 76,28 EUR bruto/maand vanaf april 2022, 35 EUR bruto/maand in april 2024 en 35 EUR bruto/maand in april 2026. Klaarblijkelijk zouden 60.000 voltijdse equivalenten betrokken zijn;
  • de mogelijkheid om 120 “bijkomende” vrijwillige overuren te presteren tot eind 2022, waarbij deze uren zowel voor werkgevers als voor werknemers van een fiscaal gunstig regime zouden genieten;
  • het behoud voor de twee komende jaren van het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag zoals we het thans kennen, met een mogelijke toegang vanaf 60 jaar;
  • een uitstel tot 1 januari 2030 van de harmonisatie van de aanvullende pensioenen van arbeiders en bedienden, hetgeen oorspronkelijk gepland was voor 1 januari 2025;
  • de invoering van een vorm van tijdskrediet eindeloopbaan (halftijds of 4/5de) vanaf 55 jaar.

De regering heeft de sociale gesprekspartners met dit akkoord gefeliciteerd en heeft al beloofd om alles in het werk te stellen om deze maatregelen integraal te kunnen toepassen.

Morgane Merveille (advocaat Claeys & Engels)

More Partner Blogs


22 juli 2021

Back to normal - Key points when introducing/increasing telework after COVID-19

During the COVID-19 pandemic, employees were required to work from home in large numbers. Even...

Lees meer...

09 juli 2021

Hommage aan Jean-Pierre Blumberg en Prof. dr. Anne-Marie Van den Bossche

Vorig jaar overleden 2 eminente juristen uit het ondernemingsrecht, Jean-Pierre Blumberg en...

Lees meer...

08 juli 2021

Constitutional Court does not allow the infinite use of successive short term employment contracts and replacement contracts

Constitutional Court does not allow the infinite use of successive short term employment contracts...

Lees meer...

01 juli 2021

Cybersecurity Insights for Company Lawyers: Should You Tell Anyone That You Have Been Hacked?

In our previous blog, we reminded company lawyers that controllers should notify the competent...

Lees meer...

18 juni 2021

Interprofessioneel akkoord 2021-2022: een compromis « op zijn Belgisch »

Hoewel binnen de Groep van 10 geen akkoord was bereikt over de loonmarge, besloten de sociale...

Lees meer...