De CEO: what’s in a name, zeker juridisch?

Het boek ‘Bestuur in de NV’  (Sarah De Geyter, Ingrid De Poorter, Emmanuel Leroux )beschrijft hoe het bestuur van een grotere naamloze vennootschap in de praktijk wordt georganiseerd.

De CEO: what’s in a name, zeker juridisch?

Het boek ‘Bestuur in de NV’  (Sarah De Geyter, Ingrid De Poorter, Emmanuel Leroux )beschrijft hoe het bestuur van een grotere naamloze vennootschap in de praktijk wordt georganiseerd. Hoewel de raad van bestuur in een naamloze vennootschap de meest uitgebreide bevoegdheden heeft – voor zover zij niet werden voorbehouden aan de algemene vergadering – en in principe als college beslist, zal de raad zich in de grotere ondernemingen meestal niet inlaten met beslissingen die het dagelijkse reilen en zeilen betreffen. De raad zal hiervoor (vaak uit noodzaak) een beroep doen op bevoegdheidsdelegaties aan een orgaan van dagelijks bestuur of bijzondere lasthebbers.

De aandeelhouders zouden zelfs de keuze kunnen maken voor een duaal systeem waarbij toezicht en algemeen beleid worden toevertrouwd aan één orgaan (de raad van toezicht) en het operationele bestuur aan een ander (de directieraad). Ook worden de taken vaak intern verdeeld door de oprichting van comités, zoals het auditcomité, het remuneratiecomité of een adviserend comité.

Deze delegaties en taakverdelingen verhogen de noodzaak aan toezicht door de raad van bestuur op het management en op de bijzondere comités. Zij hebben ook implicaties voor de aansprakelijkheid van de bestuurders.

In dit artikel wordt specifiek stilgestaan bij het begrip ‘CEO’, dat in veel ondernemingen ingeburgerd is en dit ontegensprekelijk onder de invloed van het internationale handelsverkeer.
De meeste Belgische bedrijven die internationaal actief zijn werken nu eenmaal volgens het Angelsaksische model dat vooralsnog de standaard dicteert. Zelfs in partnerships gaat men steeds meer de ‘managing partner’ de titel van CEO toekennen. Dat vergemakkelijkt de communicatie: buitenlandse zakenpartners weten meteen dat ze bij deze persoon aan het juiste adres zijn.

Het Belgische vennootschapsrecht kent de term CEO of enige analoge term niet.
Men kan zich dus de vraag stellen wat de functie inhoudt: is dat de gedelegeerd bestuurder, de dagelijks bestuurder of de voorzitter van de directieraad? De realiteit is dat de titel van CEO al deze ladingen kan dekken. Juridisch gezien moet men dus per vennootschap nagaan welke bevoegdheden deze aan haar CEO heeft willen toekennen. De term is dan ook geen praktisch bruikbare term voor de juridische analyse die zal volgen.

Zonder naam en toenaam te gebruiken heeft de wetgever wel het fenomeen erkend. Het is niet toevallig dat dit gebeurde in de wetgeving inzake corporate governance. Het Wetboek van Vennootschappen werd door de wet van 6 april 2010 aangepast om de corporate governance-aanbevelingen inzake transparantie over en de structuur van de vergoeding van bestuurders en uitvoerend management wettelijk af te dwingen. Een van deze aanbevelingen is steevast de bekendmaking op individuele basis van de vergoeding van de CEO. Om deze notie te ondervangen moest de wetgever het concept definiëren. Dit leverde de allesomvattende omschrijving: “de belangrijkste vertegenwoordiger van de uitvoerende bestuurders, de voorzitter van de directieraad, de belangrijkste vertegenwoordiger van de andere personen belast met de leiding of de belangrijkste vertegenwoordiger van de personen belast met het dagelijks bestuur” (art. 3:6, § 3, 6° WVV).

De vraag naar de bevoegdheden in concreto van de persoon aangeduid als CEO blijft evenwel door de wetgever onbeantwoord.

Is de praktijk in sommige vennootschappen om de notie dagelijks bestuur te definiëren een goede oplossing?
De realiteit is dat de definitie van de bevoegdheden van de dagelijks bestuurder door het Hof van Cassatie ondanks pogingen tot nuancering in de praktijk onvoldoende juridische steun geeft voor de bevoegdheidsdelegatie die het bestuursorgaan klassiek beoogt te doen richting CEO.

Teneinde zich toch enige vorm van rechtszekerheid te verschaffen gaan vennootschappen in de praktijk daarom soms over tot het definiëren van wat in hun ogen de notie dagelijks bestuur inhoudt.

Heel zelden gebeurt dit in de statuten, meestal via een beslissing van het bestuursorgaan die al dan niet wordt gepubliceerd. Dergelijke definities of opsommingen van bevoegdheden van dagelijks bestuur houden vaak enerzijds beperkingen in ten aanzien van de wettelijke definitie en anderzijds uitbreidingen. De beperkingen hebben geen juridisch bindende werking t.a.v. derden, zelfs niet wanneer zij in de statuten zijn opgenomen of gepubliceerd. De notie van dagelijks bestuur is immers een wettelijk begrip dat partijen niet vrij kunnen invullen.

Ook met de uitbreiding van de bevoegdheden moet men behoedzaam te werk gaan. Het bestuursorgaan dat bevoegdheden delegeert aan de CEO en zijn team, moet zich bewust zijn van het feit dat enkel het dagelijks bestuur in de zin van de definitie van artikel 7:121 WVV op algemene wijze kan worden gedelegeerd. Verdere bevoegdheden kunnen met andere woorden slechts op bijzondere basis worden gedelegeerd. De formulering van de uitbreiding van de bevoegdheden zal in de praktijk dus belangrijk zijn. Men zal moeten vermijden op die manier algemene delegaties toe te kennen. Maar de definitie van het dagelijks bestuur heeft wel een relatief nut in de interne werking van de vennootschap, vermits zij, intern het orgaan van dagelijks bestuur wel bindt. Stelt het handelingen die niet vallen onder de definitie of de opsomming, dan overschrijdt het zijn bevoegdheid en kan het hiervoor door het bestuursorgaan aansprakelijk worden gesteld jegens de vennootschap. 

Een grondige analyse van deze onderwerpen kunt u vinden in het werk ‘BESTUUR IN DE NV’

(Sarah De Geyter, Ingrid De Poorter, Emmanuel Leroux)

Dit boek beschrijft hoe het bestuur van een grotere naamloze vennootschap in de praktijk wordt georganiseerd. Het werk biedt aan de bedrijfsjurist een grondige (juridische) analyse van de duale bestuursstructuur, de delegatie door de raad van bestuur, de interne taakverdeling en de impact hiervan op de toezichtstaak en de aansprakelijkheid van de bestuurders volgens het nieuwe WVVV alsook de geldende governance codes.

post linkedin nov2022

Meer informatie: https://intersentia.be/nl/bestuur-in-de-nv.html

More Partner Blogs


30 november 2022

Het belang van CAO nr. 32bis in overheidsopdrachten

Bij een (her) plaatsing van een overheidsopdracht voor diensten wordt een onderneming voor de...

Lees meer...

25 november 2022

Labour deal 2022: 7-day notification term for variable work schedules

On 10 November 2022, the Act of 3 October 2022 on various labour provisions was published in the...

Lees meer...

24 november 2022

Contracten: legal document of business asset?

Enige tijd geleden werd tijdens een panelgesprek voor derdejaarsstudenten rechten aan de UGent...

Lees meer...

23 november 2022

Er kan verwacht worden dat de Belgische “klokkenluiders”-wet aangenomen wordt voor het einde van het jaar: welke gevolgen zijn er voor ondernemingen?

Richtlijn 2019/1937 van 23 oktober 2019 inzake de bescherming van personen die inbreuken op het...

Lees meer...

21 november 2022

The Belgian "European Long-Term Investment Fund": ready for take-off?

The European Long Term Investment Fund (hereinafter “ELTIF”) was created by the EU in 2015...

Lees meer...